Veerkracht in beeld
In drie lessen van 60 minuten werken leerlingen met verf, klei en inkt — niet om een mooi eindproduct te maken, maar om te ontdekken hoe zij omgaan met toeval, samenwerking en loslaten.
Zes dieren begeleiden de lessen als pedagogische metafoor rondom veerkracht: de schildpad die de tijd neemt, de mier die samen draagt, de zalm die doorzet, de pinguïn die de groep opzoekt, de bomen die ondergronds verbonden zijn en de beer die kiest wat hij meeneemt. Met deze dieren als metafoor krijgen de leerlingen woorden aangereikt waarmee ze kunnen praten over wat moeilijk te benoemen is.
Wat gaan de leerlingen doen?
In les 1 maken leerlingen een persoonlijk verzamelboekje (zine). Ze gaan onderzoekend aan de slag met verschillende beeldende technieken.
In les 2 werken ze verder aan hun verzamelboekje. Ze krijgen beeldende opdrachten waarin ze gaan samenwerken.
In les 3 maken de leerlingen een groot klassikaal werk. Daarna kijken ze terug op alles wat ze hebben verzameld en ontwerpen ze een cover voor hun boekje: hun titel voor hun verhaal.
Het boekje is de rode draad van de hele serie. Elk les voegen leerlingen een fragment toe — iets wat ze hebben gezien, gemaakt of bewaard. Aan het einde is het boekje een zichtbaar spoor van hun leerproces. Optioneel sluit de serie af met een vernissage (les 4), waarbij leerlingen hun boekje presenteren aan de klas of aan ouders.
Kerndoelen
- Kerndoel 35: De leerling ontwikkelt artistiek creatief vermogen.
- Kerndoel 36: De leerling maakt kunstzinnige uitingen
Leerdoelen
- Aan het einde van de lessenserie kan de leerling in eigen woorden beschrijven welke keuze hij of zij heeft gemaakt bij het selecteren van een fragment, en daarvoor minimaal één reden geven — zichtbaar in het verzamelboekje en/of mondeling tijdens de kring.
- Aan het einde van les 2 kan de leerling benoemen wat er veranderde in het resultaat én in zijn of haar eigen handelen toen hij of zij samenwerkte — aantoonbaar tijdens het reflectiegesprek of in de invulopdracht in het boekje.
- Aan het einde van de lessenserie toont de leerling bereidheid om door te gaan na een mislukte poging of onverwacht resultaat, observeerbaar doordat hij of zij het werk voortzet in plaats van stopt — te observeren door de leerkracht in les 1 en 2.